Joseph Daris

Start Joseph Daris Gerardus Vossius

Omhoog


 

Onze meest vermaarde Loonse geschiedschrijver.

Arnold Josephus Matheus Daris werd geboren te Borgloon op 18-09-1821 en overleed te Borgloon op 11-09-1905.

Hij was de zoon van vrederechter Martin Daris en Maria Christina Kalcker, dochter van een Loonse apotheker.

Hij genoot het lager onderwijs in zijn geboortestad en volgde daarna de Latijnse klassen in het College te Tongeren, voltrok zijn middelbare studies in het Seminarie te Rolduc, ging vervolgens de wijsbegeerte en godgeleerdheid studeren in het Groot-Seminarie te Luik. Hij werd priester gewijd op 21 december 1844. Na enige tijd privaat leraar te zijn bij graaf d'Arschot Schoonhoven te Voort werd hij leraar Grieks en apologetica aan het Klein-Seminarie te Sint-Truiden tussen 1851 en 1854. Gedurende 43 jaar bekleedde hij de leerstoel canoniek recht en kerkgeschiedenis aan het Groot-Seminarie te Luik, dat was tussen 1854 en 1897. Gedurende die periode was hij een onvermoeibaar speurder in geschiedkundige documenten. Als autodidact historicus met bijzondere interesse voor Loon en Luik schreef hij in de Franse taal:

  • een geschiedenis van het prinsbisdom Luik "Histoire du diocèse et de la Principauté de Liège" in 11 boekdelen tussen 1855 en 1868.
  • La liberté de la religion catholique et le projet de loi sur le temporel des cultes, Liège 1865.
  • een eerste geschiedenis over zijn stad Borgloon: "Histoire de la paroisse de Looz pendant la révolution française" in 1861.
  • een tweede geschiedenis over zijn stad Borgloon: "Histoire de la bonne ville, de l'église et des Comtes de Looz, suivie de biographies Lossaines", 2 delen, gepubliceerd in 1861 en 1865.
  • een reeks historische schetsen, zijn "Notices sur les églises du diocèse de Liège" verdeeld over 17 boekdelen, meestal dorpsmonografieën uit het Luikse bisdom, gepubliceerd tussen 1867 en 1899.

Hij schrijft in het Latijn:

  • "Praelectiones cononicae quas in seminario leodiensi", 3 delen, in 1861, 1863 en 1865

Tussen 1859 en 1903 schrijft hij niet minder dan 188 bijdragen zegt Monseigneur Georges Monchamp, in Le chanoine Daris of omgerekend 11.736 bladzijden tekst. Bij zijn afsterven liet hij nog 39 onuitgegeven handschriften achter.

Titulair kanunnik 1880, bibliothecaris 1897. Hij keerde terug naar zijn geboortestad in 1905.

Op 25 september 1955 had te Borgloon een herdenking plaats ter gelegenheid van de 50e verjaardag van zijn afsterven. Dertig jaar later, op 26-27-28 april 1985, werd kanunnik Daris nogmaals te Borgloon herdacht.

Aan deze beroemde Lonenaar ontleende onze geschiedkundige kring haar naam.

Literatuur over zijn persoon:

  • Osw. ROBYNS, Nécrologie Daris Arnold-Joseph-Mathieu, in : l’Ancien Pays de Looz, jg. 9, 1905, 2, p. 34-36.
  • E. VAN WINTERSHOVEN, In memoriam le chanoine Daris, in : Bulletin de la Société scientifique et littéraire du Limbourg, jg. 24, 1906, p. 4-14.
  • Georges MONCHAMP, Le chanoine Daris, Luik : D. Cormaux, (1905). Mgr. Monchamp (+1907) was leerling en opvolger van Daris in het Groot-Seminarie te Luik, werd vicaris-generaal en directeur van de klasse der letteren van de Koninklijke Belgische Academie.
  • Mathieu BUSSELS, Kanunnik Daris de historicus (1821-1905), in : De Tijdspiegel, jg. 12, 1957, p. 14-18.
  • André DEBLON, DARIS (Jozef), in : Biographie nationale, Brussel, dl. 43, 1983, kol. 257-261.
  • Stad Borgloon herdenkt kanunnik Daris A.J.M. °18.09.1821 - +11.09.1905. Samengesteld door de geschiedkundige kring «Kanunnik Daris», Borgloon naar aanleiding van de herdenkingsvieringen in 1955 en 1985, Borgloon, 1985.
  • Lucianus CEYSSENS, DARIS Jozef, geschiedkundige, in : Nationaal biografisch woordenboek, Brussel, dl. 13, 1990, kol. 193-194.
  • Kanunnik Daris, in : 't Maendachboekje, nr. 48, maart 2007, Sint-Truiden, p. 12-16.

Bekijk de kwartierstaat van kanunnik Daris (pdf, opgesteld door Ivo Gilisen)